
Onze laatste liverecensie.
Onze laatste albumrecensie.
Ons laatste interview.
Onze laatste video.
10.Fennesz | ‘The Point of it All’
Venice, 2004
Eigenlijk zou hier ‘Endless Summer’moeten staan. Opdracht van mijn redacteur, meerderheidsstemmen, vetorecht, zoiets. Maar ik ben ongehoorzaam. En de bijbehorende reprimande zal ik met trots ondergaan, want ‘The Point of it All’ is nog zoveel beter dan ‘Endless Summer’. Ongelooflijk maar waar. ‘The Point of it All’ is een intense, prachtige soundscape, ontroerend tot op het bot, een bombardement van verdriet en melancholie. Dat allemaal uit een powerbook aangestuurd door een Zwitsers genie. (BI)
09.Set Fire to Flames | ‘Steal Compass/Drive North/Disappear’
Sings Reign Rebuilder, 2001
Uit de nogal ruime schoot van het Godspeed You! Black Emperor-collectief (GY!BE) kwam Set Fire To Flames in 2001 met een album dat meer waarmaakte dan zijn geestesvader ooit kon beloven. Een spookachtige affaire vol gesproken stukjes tekst, found sounds en adembenemende opmaten naar climaxen die die mooie bruine ogen van je doen uitpuilen. ‘Steal Compass/Drive North/Disappear’ windt er geen ellenlange doekjes om, maar fascineert vanaf de eerste seconde. Een simpele gitaarmelodie zet de toon waarlangs langzaam gierende, met delay bewerkte gitaren omhoog klimmen. Hier werd apocalyptische postrock weer even bloedstollend mooi in plaats van slaapverwekkend voorspelbaar. (JH)
08.Steve Reich | ‘Drumming’
Drumming, 1971
Wat krijg je als een meester-minimalist een tijd naar Ghana trekt om Afrikaanse muziek te bestuderen? Juist, ‘Drumming’. In uitvoeringen variërend tussen 55 en 75 minuten – in het minimalisme wordt niet op een herhaling meer of minder gekeken – worden allerhande soorten non-melodieuze en melodieuze percussie-instrumenten gebruikt (onder andere marimba’s, xylofoons, hooggestemde trommeltjes). De spanning wordt door de eindeloos repeterende thema’s vaak ondraaglijk, de discipline en de kunde van de percussionisten worden tot het uiterste getest, maar het mooist van alles is dat ‘Drumming’ een ontzettend afwisselende en mooie compositie blijkt. Misschien wel Reichs beste werk ooit. (BI)
07.Miles Davis | ‘In A Silent Way / It’s About That Time’
In A Silent Way, 1969
Moeilijk kiezen natuurlijk bij ome Miles; de beste man heeft waanzinnig veel juweeltjes op zijn naam staan. Kiest u vooral verder uw eigen Miles-favo, maar bij KindaMuzik staat het sublieme ‘In a Silent Way / It’s about That Time’ bovenaan. Waarom? Om de sublieme ambientesque intro. Om de onderkoelde funk middenin. Om het heerlijke basloopje richting het einde. Om de complete ommezwaai in de jazz die dit stuk hoogstpersoonlijk heeft veroorzaakt. Je zou voor minder een standbeeld oprichten, toch? (BI)
06.Mogwai | ‘Like Herod’
Young Team / Government Commissions: BBC Recordings 1996-2004, 1997/2005
De hard-zacht dynamiek door Slint gepionierd werd door een stel pints drinkende Schotten tientallen malen opgeblazen en tot een nieuwe orde van postrock verheven: heftige climaxen voorafgegaan door melancholisch sidderende intro’s. De achttien minuten durende versie van Government Commissions: BBC Recordings 1996-2004 overtreft het origineel op alle fronten en dat is geen kleine daad. ‘Like Herod’ blaast een gat door je oor en spuit er een kwartier lang een gelei van zoutzuur doorheen. De aanloop is kalm als gewoonlijk, maar wanneer het volume daalt neemt ook de spanning toe. De uiteindelijke explosie is iedere keer opnieuw net of je van achteren in je ballen geschopt wordt, je kunt je er niet op voorbereiden. (JH)
05.Charlemagne Palestine | ‘Strumming Music’
Strumming Music, 1975
De piano staat altijd een beetje in de schaduw van de almachtige elektrische gitaar, maar de Bosendorfer van Charlemagne Palestine kent net zoveel kleursoorten en toonregenbogen als de Stratocaster van Jimi Hendrix op Electric Ladyland. De kracht van ‘Strumming Music’ is de magistrale, fijne speeltechniek van Charlemagne. Door simpele patronen steeds te herhalen verandert de akoestiek van het instrument in een orkestrale dimensie waarin ontelbare harmonieën en melodieën verstopt zitten. Een aurale massage die standaard bij thermaalbaden moet worden aangeboden. (JH)
04.William Basinski | D|P 4
The Dintegration Loops III, 2003
Verval, afbraak, teloorgang, melancholie, vernietiging, in deeltjes uit elkaar vallen, achteruitgang, depressie, dood. En dan de surrealistische schoonheid van dat alles. Minimal-en ambientcomponist William Basinski weet niet wat hem overkomt als hij oude tapes met dromerig klassieke loops na jaren weer eens afspeelt: de magnetische deeltjes beginnen hoe langer de tape loopt steeds meer los te laten. Het resultaat is even verrassend als prachtig: de waarlijk magistrale melodieën brokkelen steeds verder af tot er alleen nog maar wat gefragmenteerde ruis overblijft. Een adembenemende toevalstreffer waarvoor woorden eindeloos tekortschieten. (BI)
03.Manuel Göttsching | ‘E2-E4’
E2-E4, 1981
Als Edgard Varéses elektronische pionierswerk als het Oude Testament voor elektronische muziek geldt, dan is Göttschings E2-E4 zonder enige twijfel het Nieuwe Testament. Göttschings ervaring met hypnotiserende patronen ontwikkelde zich parallel aan zijn werk met krautrockers Ash Ra Tempel. Eenmaal solo kwam de progressieve beer in hem pas echt los. ‘E2-E4’ is één uitgestreken patroon vol horizontaal uitgerekte, glinsterende gitaareffecten, pulserende synthlijntjes en een ondergrond van kalmerende beats. Göttsching opent hier de poorten naar een extatisch house-koninkrijk waar ‘repetitie = hypnose’ als het algemene evangelie geldt. (JH)
02.Neu! | ‘Hallo Gallo’
Neu!, 1972
Met het volume wagenwijd open, halverwege ‘Hallo Gallo’ wanneer de gitaren en synths breed uitwaaieren bereikt dit magnum opus zijn hoogtepunt. Zwierig wervelen de drones om de onvermurwbare kadans van bas en drums. ‘Hallo Gallo’ is voor krautrock wat ‘The Message’ voor hiphop is. Zonder ‘Hallo Gallo’ geen ‘Autobahn’, dat lijkt me genoeg impact voor vandaag, voor een paar decennia zelfs. (JH)
01.John Coltrane | ‘Olé’
Olé Coltrane, 1961
Passie, lieve mensen, passie: daar gaat het om. Zonder passie krijg je kutmuziek. John Coltrane liep over van passie, van liefde, van spiritualiteit. Coltrane liet altijd en overal zijn gevoelens de vrije loop. Via zijn saxofoon welteverstaan, praten deed het genie nauwelijks. ‘Olé’ uit 1961 is zelfs voor Coltrane-begrippen een zeldzaam mooie parel, want naast de passie en liefde is er ook nog dat centrale Spaans-aandoende thema: machtig mooi en hypnotiserend. Tel daarbij ook nog eens Eric Dolphy op dwarsfluit en drummer Elvin Jones die polyritmisch swingt als ware hij een gemuteerde octopus met zestien ledematen. De enige echte terechte numero uno van KindaMuziks top 50. Olé! (BI)
[Top 50: 50-30] | [Top 50: 30-10] | [Top 50: 10-1]
http://www.kindamuzik.net/artikel.php?id=11989
Meer Various Artists op KindaMuzik: http://www.kindamuzik.net/artiest/various-artists-2448
Deel dit artikel: