
Onze laatste liverecensie.
Onze laatste albumrecensie.
Ons laatste interview.
Onze laatste video.
Sneeuw, geisers, mooie lucht en rare mensen. Tot zover mijn voorstelling van IJsland. Om mijn mensbeeld alvast te bevestigen, heeft de Botanique maar liefst drie bands vol rare mensen op een avond gezet. Een avond met als thema IJsland.
De eerste vreemde vogel heet Ornelius Mugison. Met behulp van een loopstation, een elektrische gitaar en een microfoon tovert hij - laagje voor laagje - wonderschone melodieën tevoorschijn. Afgezien van de ijle gezangen - zie ook Sigur Rós - zou het geheel de IJslandse versie van I Love Sarah kunnen zijn. Mugison heeft een tweedelig programma voorbereid: eerst wat electronica om dan gezwind over te gaan tot de liefdesliedjes. De sfeer is filmisch, de songs soms ook. Zo is de melancholische afsluiter 'Poke a Pal', die door iedereen wordt meegezongen, te vinden op de soundtrack van de IJslandse film Niceland. Jammer genoeg komt er vroegtijdig een einde aan de magie. Mugison moet het na vijf nummers reeds opgeven wegens ziekte. Een trieste zaak, want de sfeer is gezet, het dromen begonnen, de wereldroem in zicht.
Tijdens de korte set van Mugison is de Rotonde afgeladen vol gestroomd. Een uitdaging voor Einar Örn, die er mooi in slaagt de helft van het volk weer buiten te jagen. De contraire oprichter van de Sugarcubes zegt als welkomstwoord in het IJslands dat hij gewoon IJslands gaat spreken. Hij keuvelt gezellig met de eerste rij over Reykjavik en schakelt over op het Engels om het publiek duidelijk te maken dat ze allemaal moeten rechtstaan. Als dat niet blijkt te helpen, probeert hij het met de universele taal der mime. Een zeer zware, doch onzichtbare bal wordt over het podium heen en weer gegooid, nadat de bandleden simultaan hebben staan springen. De toon is gezet, de diagnose bereikt: deze man is gek.
Wanneer hij dan ook eindelijk begint te musiceren blijkt dit laatste eens te meer. Terwijl Einar als een wilde schreeuwend in het rondspringt, produceert zijn band (gitaar, draaitafels, loopstation en gastviool) luide elektronische klanken. Örn bespeelt een minitrompet, gooit andermaal met de onzichtbare bal en schreeuwt repetitieve teksten. Een greep uit het aanbod: "Where is my money? I've got no shoes!" "Grass is green! Green is grass!" en "She loves you…" (het publiek moet hier "Yeah yeah yeah" zingen, maar doet daar niet aan mee). Al deze songs zijn trouwens liefdesliedjes. Het geheel heeft een bevreemdend en zelfs hypnotiserend effect. Een bonzende hoofdpijn vult na hun vertrek de leegte.
Na dit circus kan niets mij nog verbazen. Niets, zeg ik u! Maar wat gooien ze daar op het podium? Vier keyboards met bijbehorende toetsenisten, twee van hen getooid met een zwartomrande bril. Apparat Organ Quartet (foto) is hun zeer toepasselijke naam. Het olijke viertal gaat vergezeld van een drummer, die verantwoordelijk is voor de keiharde beats. De hoofdpijn gaat niet meer weg. Je moet er iets voor over hebben, maar deze muziek is best wel te smaken. Blijkbaar hebben ze op Pukkelpop 2003 indruk gemaakt, want er zijn duidelijk fans in de zaal. De bandleden hebben hun strepen al verdiend in de IJslandse muziekscene, onder andere bij Sigur Rós en Múm. Een van hen is zelfs kerkorganist. Wat ze brengen met Apparat is echter helemaal niet met deze dingen te vergelijken. Aanstekelijke mechanische industrial, gekruid met vrolijke deuntjes en een robotachtige vliegtuigstem. Dreigend doch dansbaar.
http://www.kindamuzik.net/live/various-artists-2448/iceland-mugison-einar-rn-ghostigital-apparat-organ-quartet/7564/
Meer Various Artists op KindaMuzik: http://www.kindamuzik.net/artiest/various-artists-2448
Deel dit artikel: